dinsdag 15 januari 2013

Column * Topjes Vrouwelijkheid

Lange, liefst netjes gelakte, nagels zijn het toppunt van vrouwelijkheid. Er is niets zo beschamend en onverzorgd als afgekloven, korte stompjes aan je vingers. Wie net als ik zijn kannibalistische trekken maar moeilijk onder controle kan houden, kan gelukkig nog altijd faken met gelnagels. Daarnaast geven deze valse nagels je ook de kans om je eigen nagels te laten groeien – dat was tenminste mijn logische redenering. Zodra de nagelstyliste aan de behandeling begint, besef ik echter dat er maar weinig nagel zal overschieten om te laten groeien.

Nadat ze de restjes van mijn nagellak heeft verwijderd, neemt ze haar minislijpschijf om mijn nagels uit te dunnen – dit is nodig om een natuurlijk resultaat te bekomen, voor zover dit mogelijk is met nepnagels. Om mijn nagels te verlengen, plakt ze er een plastieken tip op. Daarna volgt een gellaag. Zodra de eerste nagel bewerkt is, vraagt ze me om mijn hand in de “bakoven”, een oventje met UV-stralen die de gel doen drogen, te steken. Ik kan een gil niet onderdrukken, de eerste minuut voelt het alsof mijn vingertop in brand staat. Ik onderga gelaten nog negen maal de zelfde ovenbehandeling en haal daarna opgelucht adem. De nagelstyliste haalt me echter snel uit mijn droom: er volgen nog twee gellagen. Twintig keer tel ik de seconden die tergend langzaam lijken voorbij te gaan. De nagelstyliste slijpt en vijlt dat het een lieve lust is en twee uur na binnenkomst ben ik de trotse eigenaresse van een stel lange nagels, de kers op mijn vrouwelijkheidstaart. 


Deze nagels zijn een creatie van mijn schoonzus

Starend naar mijn nagels verlaat ik met gepaste fierheid de nagelstudio. Al snel slaat de fierheid om in irritatie als ik op de eerste begrenzing van lange nagels stoot: ik krijg maar geen grip op de autosleutel die ik uit mijn tas probeer te vissen. Alles wat ik aanraak, lijkt gewoon door mijn vingers te glippen. Onder luid gevloek – op dat punt ben ik minder vrouwelijk – en met kronkelende vingers lukt het me om de sleutel aan zijn ring uit mijn tas te halen, om hem direct daarna te laten vallen. Als ik de sleutel van de grond wil nemen, voel ik de toppen van mijn nieuwe nagels over het asfalt schrapen. Het duurt zeker drie minuten voor ik grip op de sleutel krijg en hem kan oppakken.

De volgende dag op kantoor ontdek ik een tweede begrenzing: typen met gelnagels is een onwezenlijke ervaring. Terwijl ik mijn vingertoppen over mijn toetsenbord wil voelen glijden, zijn het slechts de geltopjes die de toetsen aanraken. Het voelt alsof ik contact met de werkelijkheid verlies. Nadenkend begin ik met mijn vingers op mijn bureau te trommelen. Pas als mijn collega mij er op wijst, valt het mij op hoeveel lawaai de gelnagels maken; ik overstem zelfs de muziek. Om het nadenken te vergemakkelijken – en ook uit gewoonte – breng ik mijn rechterwijsvinger naar mijn mond en begin op de nagel te bijten. De harde gel is in tegenstelling tot mijn eigen nagels onbuigzaam en keihard; dit merk ik echter pas als ik een stuk tand voel afbreken. Ook de nagel komt niet ongeschonden uit het geknabbel: de gelnagel is losgekomen en hangt nog maar half aan mijn nagel.

Eenmaal thuis plak ik de nagel met veel zorg terug op zijn plaats maar het verschil met de andere, professioneel geplaatste nagels is duidelijk zichtbaar. De volgende dagen verlies ik meer dan eens de afgevallen gelnagel. Het duurt nog twee weken voor ik de begrenzingen van gelnagels helemaal beu ben en de valse nagels één voor één van mijn vingertoppen trek en in de vuilbak kieper. Ik ontdek zachte, veel te dunne nagels die toch wat aan lengte hebben gewonnen. Twee minuten later staar ik gelaten naar mijn afgekloven stompjes.


*Kim

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

LinkWithin

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...